Zorg in Nederland: een wangedrocht

Zorg in Nederland lijkt op papier goed in orde te zijn. Tenminste als we de sprookjes vertellers uit Den Haag en hun sympathisanten in het land moeten geloven. In de praktijk blijkt echter heel wat mis te zijn, Bijvoorbeeld bij de vermaatschappelijking van mensen met een verstandelijke beperking en een storing in het gedragspatroon of in de jeugdzorg.

Professor Marijke Malschi heeft een studie gedaan naar de effecten van de opheffing van woonfaciliteiten voor mensen met een verstandelijke en fysieke beperking en heeft dat vastgelegd in haar boek “Hoe gehandicapten hun thuis verloren. De gevolgen van een falend beleid”. Zij kwam tot een aantal stuitende vaststellingen. Het argument zou zijn dat mensen met een beperking niet weggestopt moesten worden in inrichtingen. De idealisten op dat gebied noemden dat “community care” of vermaatschappelijking. Het idee erachter zou zijn dat mensen met een beperking in staat zouden zijn om te integreren in de samenleving. De vraag of verstandelijke beperkte mensen en hun begeleiders dat wel een verstandig besluit achten, omdat een stuk psychische en zelfs fysieke bescherming zou wegvallen, werd niet gesteld.

Community Care? Mislukt

Volgens die idealisten die vanzelfsprekend niet met de uitwassen van hun beslissingen geconfronteerd zouden worden, moest de samenleving (wij, hunnie, de anderen, het volk) er maar aan wennen dat deze mensen deel uit gingen maken van de samenleving. Mooie teksten om een inherente mislukking te maskeren. Bovendien een kulsmoes van de hoogste orde, want niet het welzijn van de mensen met een beperking maar vastgoed overwegingen waren het vertrekpunt van die beslissing. De overheid kon met de bebouwing van de vrijgekomen grond veel geld verdienen. Opnieuw dolf de menselijke maat het onderspit.

Afb: Bas Bogers / Flickr

De beeldvorming, vanuit instellingen maar ook vanuit de overheid, was lange tijd vooral gericht op het positief belichten van de ‘vermaatschappelijking’. Kritische geluiden waren niet welkom. Bewoners werden op grote schaal van hun terreinen, waar ze vaak al decennialang naar tevredenheid woonden, weg verhuisd naar woonwijken waar ze geacht werden te integreren. Dit gebeurde o.m. bij het Zeeuwse Arduin, Gooise instellingen Sherpa en Amerpoort, en in Noordwijkerhout bij de Willem van den Bergh instelling. Dat ging in veel gevallen onvrijwillig.

Mensen met een beperking moesten zo veel mogelijk als ‘gewone’ mensen worden behandeld en dus werd op de zorg, ook de medische, flink bezuinigd. Met incidenten en overlijdensgevallen als gevolg. De – laagbetaalde – groepsleiding deed veel moeite de situatie nog enigszins te redden, maar kon gedwongen verhuizingen en bezuinigingen natuurlijk niet tegenhouden. Het instellingsgeld vloeide naar uitdijende managementlagen en bestuurders. Het corruptie spook lag op de loer.

Malsch stelde vast dat het leven van de betrokken personen er veel slechter op was geworden! De betrokken mensen vertoonden in woonwijken apart gedrag, veroorzaakten in de ogen van hun buren overlast, werden gepest, isoleerden zich van de harde wereld die hun beperkingen niet bleken te begrijpen noch te accepteren en vereenzaamden. Zij stelde vast dat die terreinen in prachtige omgevingen lagen met veel groen, vervolgens werden bebouwd met dure woningen/villa’s en in de gunningprocedure bestuurlijke banden liepen tussen instellingen en bouwers. Kort gezegd corruptie! In haar eigen woorden:

De achtergrond wordt gevormd door de boterzachte maar aantrekkelijke ideologie (’gehandicapten kunnen prima integreren in een woonwijk’), onwil om naar empirisch aangetoonde feiten te kijken, en vastgoedbelangen. Dit gaat gepaard met minachting voor gewone mensen. Familie die protesteerde tegen de gedwongen verhuizingen werd gezegd dat hen nog maar eens goed moest worden verteld wat de voordelen van het wonen in een wijk waren. Want uit zichzelf zouden ze dat niet snappen. Terwijl de familie gelijk had en de instellingsbestuurders en het ministerie niet”.

Die vaststellingen zijn ook van toepassing op het opheffen van sociale werkplaatsen. De betrokken personen werkten er met plezier, maar de ideologie eiste dat de samenleving maar moest wennen aan werknemers met een beperking. In feite bedoelden die sprookjesvertellers dat personen met een verstandelijke beperking maar moesten wennen aan de harde eisen van de samenleving. Resultaat: mensen werden door collega’s gepest, omdat ze anders zijn en niet snel de andere routine konden oppakken. Die andere routine genereerde door de snelheid en grotere complexiteit van werken een te grote werkdruk. Niet verrassend dat ze terug wilden naar de beschutte werkplaatsen.

Binnen de psychiatrie hebben net zulke bewegingen plaatsgevonden als in de gehandicaptenzorg. In golven zijn psychiatrisch patiënten de afgelopen decennia van beschermende terreinen afgehaald en in wijken geplaatst. Ook daar heeft empirisch onderzoek de gevolgen laten zien, die net zo min als in de gehandicaptenzorg erg positief waren. In de psychiatrie wilden ze evenmin graag afstand doen van het optimistische idee dat veel patiënten met weinig ondersteuning wel zelfstandig kunnen wonen.

Ambtenaren begeleiders en ministerie stonden alleen op zenden en gingen er voor het gemak aan voorbij dat “een verstandelijke en fysieke beperking” inhoudt dat die mensen niet zouden kunnen begrijpen waarom hun redelijk stabiele bestaan overhoop gehaald moest worden. Zij ook niet konden begrijpen waarom de sluiting van woonfaciliteiten en sociale werkplaatsen beter voor hen zou zijn; zeker als dat beter niet inhoudelijk op een begrijpelijke manier uitgelegd kon worden.

De community care heeft duizenden tot meer dan tienduizend instellingsbewoners geraakt, zowel in de psychiatrie als in de gehandicaptenzorg. Ook hun familie en de groepsleiding hebben hieronder geleden. Medewerkers waren het vaak ook niet eens met de gedwongen verhuizingen en de bezuinigingen, maar mochten daar niks van zeggen. Sinds enkele jaren worden gehandicapte bewoners echter weer teruggehaald naar de instellingsterreinen. De grootschalige plannen van toen zijn dus gestrand. Maar daar wordt weinig ruchtbaarheid gegeven. Het lijkt niet de bedoeling toe te geven dat de ‘community care’ heeft gefaald, terwijl dat wel is wat is gebeurd. Ten koste van de bewoners zelf. En van het geld en de beeldvorming die erin zijn gestopt.

Jeugdzorg? Corrupt

Uit de effecten van de Kinderopvang toeslagenaffaire bleek al dat het een gigantische puinhoop is in de Jeugdzorg. Ines van Bokhoven, gestimuleerd door een reportage van Kim Feenstra, is dieper in die puinhoop gedoken en constateerde dat het een corrupte wereld is waarin allerlei belangen met elkaar verstrengeld zijn. Het OM dat in vrijwel alle dossiers opduikt, de Belastingdienst geïdentificeerd als een ‘ketenpartner’; gegevens die probleemloos en gewetenloos met elkaar gedeeld worden. Niet verassend dat ouders in de Toeslagenaffaire ineens Jeugdzorg hun leven binnen zagen dringen.

Het gaat volgens Ines van Broekhoven nog veel dieper. Jeugdzorg is een systeem dat zoals meer systemen en stelsels in Nederland volkomen verrot is geworden. De nieuwe Jeugdwet die in 2015 van kracht werd, heeft het rottingsproces zowel in snelheid als in omvang verergerd. Er gaat veel geld rond in de wereld van zorgers en gezinshuizen. . Belangenverstrengeling en het vullen van de eigen portemonnee hadden voorrang boven de zorg voor de jongeren van de samenleving. Zo bleken bijvoorbeeld gemeenteraadsleden directeur te zijn van een gezinshuis, en kunnen bij het toezeggen van plaatsingen hun eigen huizen naar voren schuiven en heel wat overheidsgeld binnenkruien

De onverstandige beslissing om de (jeugd) zorg van de landelijke naar de gemeentelijke overheid te verschuiven, is de oorzaak van het rottingsproces. Besparing: 20% op het overheidsbudget. Het argument luidde: “de gemeente staat dichter bij de burger dan het Rijk en kan die zorg beter leveren. Nu zitten bij probleemgezinnen zes verschillende mensen aan de keukentafel (de huisarts, leerplichtambtenaar, reclassering, jeugdzorg, de school en de wijkagent). Daar worden die gezinnen horendol van. Die zes worden vervangen door één regisseur per gezin, dat levert die gewenste 20% bezuiniging op”. Bezwaren van mensen in de jeugdzorg werden genegeerd.

Dat ’dichter bij de burger’ is onzin: de zorg wordt niet geleverd door gemeente of Rijk maar door gespecialiseerde instellingen. Die klaagden dat ze vroeger met het ministerie zaken konden doen, en nu met 400 gemeenten. En die zes mensen aan de keukentafel? Dat zijn allemaal professionals met taken en bevoegdheden. Wie van die zes stuur je weg: de wijkagent of de huisarts? Waar was de empirische onderbouwing dat je de zorg kon verbeteren met 20% minder budget? Die gezinsregisseur zou de zevende persoon aan de keukentafel zijn geworden.

Een regering met veel kostbare idealen maar zonder visie, heeft het dagelijkse bestaan van veel segmenten van de Nederlandse samenleving in duigen doen vallen. En ze zijn nog niet klaar met hun destructieve activiteiten. Er zal in de loop van 2022 en 2023 nog veel leed worden veroorzaakt door een incompetente regering met bewindslieden die overtuigd van het eigen gelijk, geen visie bezitten, niet in staat zijn verstandig beleid te concipiëren en alleen maar bezig zijn om welvaart en welzijn van de Nederlandse bevolking te verkwanselen. .

Het zal ze blijkbaar een zorg zijn.


i  Hoogleraar aan de Open Universiteit en onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR). Zij heeft een broer die in gehandicapteninstelling Sherpa woont en ze publiceert regelmatig over maatschappelijk relevante onderwerpen, waaronder de langdurige zorg. Ze werkte eerder als plaatsvervangend rechter en gezondheidsjurist.


Abonneer
Laat het weten als er

0 Reacties
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties