Conventionele militaire dominantie

‘Conventional Military Dominance’, is een veelgebruikte term om de veronderstelde gevechtskracht ven een krijgsmacht te verwoorden.

‘Verondersteld’, omdat die term herhaaldelijk verbonden wordt met herkenbare criteria als de hoogte van het nationale defensiebudget en/of de grootschaligheid van een op een scenario gebaseerde oefening in een gecontroleerde omgeving. Het zegt iets, maar niet alles over de waarde, de echte gevechtskracht van een krijgsmacht, wanneer nationale en geallieerde belangen in het geding zijn.

Amerikaans optimisme

In het immer optimistische Amerika wordt de tanende waarde van de krijgsmacht nog steeds gekwalificeerd als dominant op conventioneel gebied en daarvoor worden de eerder genoemde yardsticks gebruikt. Echter, stellen dat de US krijgsmacht op conventioneel gebied dominant is heeft meer weg van een veronderstelling dan van een feit. Vaak lijkt het of politieke en militaire autoriteiten zichzelf een hart onder de riem willen steken. Dat blijkt uit uitspraken van presidenten en beleidsgenieën:

Biden en Obama. Afb: wikimedia

“….maintain America’s military dominance and keep you the finest fighting force the world has even seen (Obama)….Our forces will be strong enough to dissuade potential adversaries from pursuing a military build-up in hopes of surpassing, or equaling, the power of the United States (Bush)… Today our Armed Forces are clearly and without dispute the best trained, the best equipped, the best prepared, and the best motivated military on the face of the Earth.(Clinton)….generations of Americans accustomed to U.S. military superiority (Dougherty)…US military hegemony has been a concrete factof life in World politicis (Drezner).”

Door die uitspraken gelooft een groot deel van de Amerikaanse bevolking inderdaad dat de Amerikaanse krijgsmacht op conventioneel gebied dominant is. Een mening die is gebaseerd op het optische succes van WOI en -II, de eenzijdige Golfoorlog, de succesvolle invasies in Irak en Afghanistan. Bij nadere bestudering van die “successen” blijkt niet echt dat sprake was van Amerikaanse conventionele militaire dominantie. De krijgsmacht speelde in de twee wereldoorlogen een waardevolle rol, maar er was geen sprake van één-op-één treffen. Die vocht hard, was vaak succesvol en maakte het verschil. Maar wel in allianties en niet als zelfstandige en enige gevechtskracht die er in slaagde om zijn tegenstander vernietigend te verslaan. Ook het gebrek aan succes om de stabiliteit als voorwaarde van een structurele vredesovereenkomst te realiseren in Irak en vooral het overhaaste vertrek uit Afghanistan geven stof tot nadenken over die dominantie. Meten op het gevechtsveld was mogelijk in grootschalige operaties zoals die waren in Koeweit en Irak, maar ook toen was geen sprake van een een-op-een operatie en maakte Amerikaanse gevechtskracht deel uit van een internationale alliantie.

De bevestiging?

De lopende gewelddadigheden op en rond de Oekraïne onderbouwen de bovenstaande uitleg. De Russische Federatie presenteert door omvang en defensiebudget het beeld van een dominante krijgsmacht die iedere opponent zijn wil kan opleggen en qua 3-of 4-dimensionale gevechtskrachtverhoudingen een operationele opdracht in korte tijd succesvol zou kunnen realiseren. Volgens de militaire bollebozen in het Kremlin was de Russische krijgsmacht op conventioneel gebied superieur aan iedere krijgsmacht in de wereld en zeker aan die van de Oekraïne. Hun argumenten en bewijzen waren mede door de “succesvolle” grootschalige oefeningen ZAPAD en KAVKAZ blijkbaar zo overtuigend dat ook Poetin in een dominante Russische krijgsmacht is gaan geloven.  

Had hij voor zijn eigen gemoedsrust maar eerst naar de analyse van Pavel Felgenhauer[1] geluisterd. Felgenhauser is een van Rusland’s weinige onafhankelijke militaire analisten en hij liet desgevraagd in een 2016 interview zijn licht schijnen over die vermeende Russische gevechtskracht. Volgens hem verkeerde de Russische krijgsmacht ondanks een volume van omstreeks 1 miljoen man, toen al  in een deplorabele staat en was niet bij machte om in een confrontatie met het Westen stand te kunnen houden[2]. Volgens hem kon een militaire confrontatie met het Westen worden vergeleken met de Zulu-oorlog[3] waarin Britse troepen het moesten opnemen tegen de strijdmacht van Koning Cetshwayo.

T-14

Er gaapte volgens hem een groot gat tussen Putin’s pretenties en de beschikbare slagkracht van Russische strijdkrachten. Volgens hem had en heeft Moskou niet de technologische kennis en ervaring om doeltreffende geweldsinstrumenten en geweldsmiddelen langdurig op de been te brengen en te houden om bijvoorbeeld een grootschalige ‘open einde missie’ als in Syrië tot een goed einde te brengen. Het gros van de bewapening is verouderd[4]; tanks (met uitzondering van de nog in de bewapening op te nemen T-14 “Armata” [5] of gemoderniseerde T-90 MBT)[6] zouden geen partij zijn voor contemporaine Amerikaanse, Duitse en Britse (anti) tankversies; het gros van de Russische vastvleugelige platformen heeft geen all weather capaciteit; (van Israël geleasede) drones van de Russische grondcomponent zijn sterk verouderd en niet aangesloten op driedimensionale printers waarmee het operatiegebied nauwkeurig in beeld kan worden gebracht en de kwaliteit van Russische verkenningssatellieten benadert in de verste verte niet die van de Amerikanen.

Het optreden van Russische eenheden in de Donbas en de Krim bevestigde zijn observatie. De manier waarop Russische eenheden hun opdrachten in de Donbas hebben uitgevoerd past in het operatieve raamwerk van de Sovjets tijdens de Koude Oorlog. Special Forces die in de Krim werden ontplooid, waren weliswaar uitgerust met moderne wapens, maar die waren in het buitenland aangeschaft en kwamen niet uit Russische wapenfabrieken. Zelfs de zogenaamde hybride oorlogvoering die Putin in het oosten van Europa toepaste, was volgens hem een concept dat door de Sovjet Unie tijdens de Koude Oorlog op grote schaal werd toegepast.

De operaties in de Oekraïne lijken de vaststellingen van Felgenhauer te bevestigen. Het gaat allemaal niet zo vlotjes als het Kremlin gedacht en verwacht had en daaraan zijn debet opgestelde operatieplannen, gebrek aan creativiteit en inventiviteit op het operationele niveau, hardnekkige weerstand van Oekraïense militairen, militanten en bewapende burgers en in het verlengde de wegvloeiende motivatie en het afbrokkelend moreel van de tactische werkvloer. Oekraïne onderstreept ook dat het meten van de gevechtskracht van een krijgsmacht met defensiebudget en intensief oefenen als criteria weinig zegt over de daadwerkelijke gevechtskracht op het gevechtsveld.  

Alleen op het gevechtsveld

Betere financiering is nog geen garantie voor successen op het gevechtsveld. Oefeningsmogelijkheden en intensiteit onder gesimuleerde gevechtsomstandigheden met modern materieel geven slechts een indicatie van de beschikbare gevechtskracht, maar dat moet gezien de ervaringen in de Oekraïne wel bewezen worden op het gevechtsveld. Alleen de uitvoering en de mate van succes op het gevechtsveld zijn de juiste yard sticks voor het vaststellen van de gevechtskracht status van een krijgsmacht. Dan pas kan de waarde van een opgestelde militaire strategie en daarvan afgeleid operationeel concept, doctrine, 3-dimensionaal inlichtingenstelsel, anticiperende logistiek, Full Dimension protection, moreel, motivatie, inventiviteit van de personele component en het productie en toelevering vermogen van een (inter-) nationale wapenindustrie onder gevechtsomstandigheden daadwerkelijk gemeten worden.

Op dat gevechtsveld wordt bewezen of gevechtskracht wel of niet dominant is op conventioneel gebied. Niet achter de groene tafel. Die les moeten ook Amerikaanse militaire en politieke autoriteiten trekken uit de Oekraïne ervaringen.


[1] Hij voorspelde in 2008 dat Putin Georgië zou binnenvallen om Abchazië and Zuid Ossetië te annexeren.

[2] Felgenhauer maakt een vergelijking met de tweede Golfoorlog waarbij de 1.5 miljoen man sterke strijdmacht van Sadam Hussein niet was opgewassen tegen een coalitie-strijdmacht van 740.000 man omdat zijn leger verouderd was. In slagkracht, logistieke ondersteuning, strategische  concept, operatieve doctrine en tactisch optreden.

[3] De zogenaamde Anglo-Zulu oorlog in 1879, waarbij de Britten met 16.000 man een overwinning behaalden op de met speren en pijl en boog bewapende Zulu-legers van meer dan 35.000 man.

[4] Totdat de sancties van kracht werden, bestelde Rusland in Amerika tussen de $1.5 en $2 miljard aan militair materieel om haar strijdkrachten te moderniseren.

[5] In januari 2015 lijkt de keuze op de Armata, een vijfde generatie MBT, gevallen te zijn. Een aantal van de eerste 32 prototypen van de Armata werd in mei 2015 tijdens de 70-jarige herdenking van het einde van WOII in de parade opgenomen. In de periode 2016-2020 zullen ongeveer 2300 tanks (70% van het huidige MBT bestand) uitgeleverd worden en in de bewapening worden opgenomen. Gelet op de huidige financiële toestand is het maar de vraag of de kwaliteit van sensoren, data netwerk en de te produceren aantallen haalbaar zijn. 

[6] Volgens Chinese deskundigen moet, vergeleken met de Chinese VT-4 MBT, de aandrijving sterk verbeterd worden, het koelsysteem van de motor is te kwetsbaar, het vuurleidingssysteem is verouderd, het kanonsysteem met gladde loop is minder doeltreffend dan die van de T-90. Westerse wapenexperts denken dat de op sensoren functionerende onbemande toren een operationeel risico zal zijn.


Abonneer
Laat het weten als er
0 Reacties
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties