In de achterliggende 10 jaar heb ik ruim 220 artikelen over Rusland, Oekraïne en de Speciale Militaire Operatie (SMO) geschreven. Het merendeel is op de website van sta-pal gepubliceerd.
Meer dan 100 heb ik samen met mijn te jong overleden jaargenoot Victor Remouchamps geconcipieerd. In mijn drie decennia durende carrière heb ik meer dan 120 st oefeningen op de drie militaire niveaus bedacht, begeleid, uitgevoerd, ondergaan en op doctrinair gebied geobserveerd en getoetst. In die periode heb ik aan meer dan 30 internationale reorganisatie projecten, conceptuele en doctrine beleidsdocumenten op alle drie traditionele militaire niveaus een substantiële bijdrage geleverd. Ondanks dat volume aan artikelen en/of columns en de ervaring die ik op conceptueel en doctrinair gebied heb opgedaan, wil ik niet beweren dat ik een expert ben geworden in de manier waarop de Russische krijgsmacht zijn opdrachten in de Oekraïense gevechtsruimte uitvoert

Het verloop van de SMO heb ik in de achterliggende drie jaar bijna dagelijks gevolgd en bestudeerd en het resultaat van die bestudering herhaaldelijk getoetst aan analyses en evaluaties van echte en gemaakte kenners. Ik heb me regelmatig verbaasd over het gemak waarmee de zich op de borst trommelende “Rusland experts” hun wijsheden over de Russische uitvoering van de SMO op diverse websites en hardcopy media hebben verspreid. Termen als rigide, dom, verkeerd werden regelmatig in die geschriften verwerkt. Een jaar geleden ben ik gestopt met het beschrijven van mijn eigen wijsheden op papier, omdat ik ontdekte regelmatig in herhaling te vervallen, maar ook stelde ik vast dat zogenaamde Ruslandkenners strekking en toonzetting van Sun Tzu’s uitspraak: ““Ken uw tegenstander en U zelf en in honderd veldslagen zult U nooit in gevaar komen” niet machtig waren.
Jaques Baud
Onlangs kreeg ik een analyse van een Zwitserse rangscollega onder ogen en de inhoud stimuleerde me om het nog een keer te proberen. Nog een keer “kenners” ervan te overtuigen dat er achter de manier waarop Russische opperofficieren hun eenheden in de gevechtsruimte het operationele spel laten spelen, een evenwichtige filosofie schuilt. Nog een keer onderstrepen dat westerse opperofficieren wat inzicht, overzicht, kennis en ervaring op doctrinair gebied een straatlengte achterliggen op hun Russische en inmiddels ook op Oekraïense collega’s en het nog maar de vraag is of die achterstand nog kan worden overbrugd. De vraag stellen is die beantwoorden. Dat heeft de vorig jaar gehouden “grootschalige “ NAVO-oefening pijnlijk bevestigd.
Jaques Baud, de Zwitserse rangscollega, blijkt een gelijksoortige benadering van het Russische militaire optreden te hebben als ik. Desondanks wil en kan ik me niet vergelijken met hem. In zijn scherpe analyses verwerkt hij herhaaldelijk teksten als “niet hybride, maar asymmetrisch”, “synergie tussen militair optreden en diplomatieke inspanningen” en “correlatie van internationale machtsfactoren als kern van de militaire doctrine”.
Niet hybride, maar asymmetrie
Westerse kenners, het Russische optreden beschouwend, nemen voortdurend de term hybride in de mond. Deze term, die nooit heeft bestaan in de Russische militaire theorie, is voortgekomen uit een verkeerde westerse interpretatie van een essay uit 2013 van generaal Valery Gerasimov. Later versterkt door westerse analisten die accentueerden dat Rusland een nieuwe vorm van conflict zou voeren waarin cyberaanvallen, desinformatie en conventionele strijdkrachten werden gecombineerd.
In 2018 trok Mark Galeotti, de vooraanstaande wetenschapper die de ‘Gerasimov-doctrine’ populair maakte, het concept in het tijdschrift Foreign Policy publiekelijk in en erkende dat hij ‘een hersenschim had gecreëerd’. Conflicten worden eerder ‘hybride’ wanneer tegenstanders tegelijkertijd verschillende generaties van oorlogvoering voeren. In Oekraïne zien we echter dat Rusland een derde generatie manoeuvre-oorlog voert tegen een Oekraïense strijdmacht die zich hoofdzakelijk bedient van vijfde generatie informatiegerichte operaties. Die wrijving is geen doctrinaire innovatie, maar asymmetrie.
“Het doel was om de
gevechtskrachtverhoudingen
in Russisch voordeel te veranderen”
De echte basis van het Russische militaire denken ligt in wat zij ‘operativnoe iskustvo’ a.k.a. operatieve kunst noemen. De Russische doctrine verheft operatieve kunst tot een aparte discipline: het orkestreren van strijdkrachten in tijd en ruimte om tactische acties om te zetten in strategische resultaten door middel van multiplicatieve in plaats van additieve effecten. Waar westerse planners vaak aannemen dat overwinningen lineair worden opgebouwd, zoals een bataljon dat een dorp veiligstelt en een brigade die een district veiligstelt, streeft de Russische operatieve kunst naar synergetische/samengevoegde cascades[i]: elektronische oorlogsvoering verblindt richtsystemen, waardoor artillerie de logistiek kan verstoren en manoeuvre, vuursteun- en gevechtsteun-eenheden binnen de bevelvoeringcyclus van de tegenstander kwetsbaar worden. De opbouw van vuurkracht uitmondend in slagkracht van de tegenstander wordt daardoor begrensd. NAVO beschouwt het operatieve niveau louter als een administratieve volgorde.
Binnen die operatieve kunst spelen vormen de – in mijn optiek voorwaarden scheppende – operaties een belangrijke rol. De opmars van een Russische strijdmacht naar Kiev in de beginperiode van de SMO is zo’n vormende operatie geweest. In een van mijn artikelen heb ik in die periode uitgelegd, waarom het overmeesteren van Kiev niet het doel van die operatie was en er ook geen sprake was van een verkeerde inschatting van gevechtskrachtverhoudingen. Het doel was om de gevechtskrachtverhoudingen in het zwaartepunt – de Donbas regio- in Russisch voordeel te veranderen. De insteek van die opmars was om de meest capabele brigades van Oekraïne weg te houden van het beslissende strijdtoneel in Donbas. Daarin is Moskou geslaagd.
Toen Rusland zich in april 2022 terugtrok uit de oblast Kiev, werd dit door de westerse media als een nederlaag beschouwd. De Russische doctrine zag het als een succesvolle afronding: de vormende operatie had zijn doel gediend en maakte het mogelijk de troepen te concentreren voor de daaropvolgende campagne in Donbas. Evenzo waren de Russische aanvallen op het elektriciteitsnet van Oekraïne in 2022-2023 geen willekeurige terreurbombardementen, maar een systematische vormende operatie, die Oekraïne dwong zijn luchtverdedigingsmiddelen te verspreiden om de civiele infrastructuur te beschermen. De luchtverdediging van essentiële militaire en civiele doelen verwaterde. Uitgelekte Amerikaanse inlichtingenrapporten hebben die vaststelling bevestigd.
Correlatie van (inter)nationale machtsfactoren
Centraal in de doctrinaire benadering staat het Russische concept van “sootnoshenie sil” (correlatie van krachten), een holistische beoordeling die militaire, economische, politieke en internationale dimensies integreert. De westerse analyse van het “krachtenevenwicht” telt doorgaans tanks en troepen. De Russische correlatie onderzoekt de industriële conversiecapaciteit naast de artillerievoorraden, de tolerantie van het publiek voor slachtoffers, naast het moreel van de troepen en de diplomatieke invloed naast het aantal straaljagers.

Dit kader verklaart de beperkte territoriale doelstellingen van Rusland: Moskou beoordeelde de correlatie in Oost-Oekraïne als gunstig (etnische affiniteit, verdedigbaar terrein, logistieke nabijheid), maar de omstandigheden ten westen van de Dnjepr als ongunstig (vijandige bevolking, lange bevoorradingslijnen, verzadiging van NAVO-inlichtingen). In mijn artikelen heb ik herhaaldelijk benadrukt dat Moskou niet verder wilde, resp. kon dan de westoever van de Dnjepr. Dat was het resultaat van een koele kosten-baten analyse. In het verlengde daarvan onderstreepte ik dat het bezetten van gebied niet het vertrekpunt van Moskou was en bleef. Volledige bezetting werd niet alleen afgewezen vanwege het onvermogen, begrenzing van nationale machtsfactoren, maar ook omdat het in strijd was met het principe van economisch gebruik van strijdkrachten. Zet nooit middelen in waar het politieke rendement onevenredig afneemt.
De integratie van militaire actie en politiek proces weerspiegelt de Clausewitziaanse visie van Rusland op oorlog als “politiek met andere middelen”. Niet als een geïsoleerd domein. Waar westerse mogendheden vaak oorlogen voeren die los staan van haalbare politieke resultaten (Afghanistan, Irak, Libië), vereist de Russische doctrine een voortdurende afstemming tussen militair optreden in een gevechtsruimte en diplomatieke doelstellingen.
De Russische operatieve kunst beschouwt onderhandelingen niet als eindpunten, maar als fasen in een campagne, als kansen om successen veilig te stellen, om correlatiebeoordelingen te herzien en troepen te herpositioneren. Elk afgewezen voorstel stelde Rusland in staat zijn militaire positie te verfijnen en tegelijkertijd Oekraïne tegenover het wereldwijde publiek af te schilderen als onverzettelijk.
Filmperceptie versus fotoperceptie
Russen zien oorlogvoering als een continu proces; gebeurtenissen die met elkaar verbonden zijn als frames in een film, waarbij de historische context bepalend is voor het huidige handelen en de toekomstige oplossing. Westerse analisten behandelen conflicten vaak als afzonderlijke foto’s, waarbij ze zich concentreren op moment X zonder te onderzoeken hoe de crisis is ontstaan en wat de context is. Daarom plaatsen westerse media het begin van de oorlog in Oekraïne op 24 februari 2022, waarbij ze buiten beschouwing laten: acht jaar van schendingen van het akkoord van Minsk, wijzigingen in de taalwetgeving die Russischtaligen hun rechten hebben ontnomen en het decreet van Zelensky van maart 2021 waarin hij de herovering van Donbas beveelt,
Russen zien het bos, westerse analisten staren zich blind op de bomen. Die temporele dimensie verklaart het geduld van Rusland, terwijl de westerse mogendheden gefrustreerd raken. In de veronderstelling dat een overwinning op het slagveld spontaan zou leiden tot stabiel bestuur hebben NAVO-interventies sinds 1991 militaire acties vaak losgekoppeld van het politieke proces,. Rusland houdt militaire acties en politieke doelstellingen voortdurend op elkaar afgestemd
Wanneer Russische militaire operaties hun – militaire en in het verlengde politieke – doel bereiken, worden de troepen teruggetrokken. Wanneer de correlatiebeoordelingen gunstig veranderen, worden offensieven gestart. Wanneer zich diplomatieke kansen voordoen, worden onderhandelingen gestart. Deze vloeiende overgang tussen oorlog en politiek lijkt inconsistent voor westerse waarnemers, maar weerspiegelt een doctrinaire samenhang. Militaire acties dienen de politiek; ze zijn geen doel op zich.
Motto: “ken uw tegenstander!”
Naarmate de concurrentie tussen grootmachten intensiever wordt, wordt het begrijpen van de doctrine van de tegenstander van existentieel belang. Niet om deze te bewonderen, maar om deze nauwkeurig te kunnen beoordelen. Het verkeerd interpreteren van vormende operaties als mislukkingen, beperkte doelstellingen als zwakte of terugtrekking als nederlaag leidt tot gevaarlijke hiaten in de interpretatie van informatie en de vertaling resulteert in onevenwichtige inlichtingen.
Dit alles betekent niet dat de Russische doctrine onberispelijk is. Rigide commandostructuren kunnen tactisch initiatief belemmeren. Corruptie vermindert de logistieke efficiëntie. Demografische beperkingen beperken de duurzaamheid van het personeelsbestand. Het afdoen van het Russische militaire denken als primitief garandeert strategische verrassingen. De Pruisische generaal Carl von Clausewitz merkte op dat “oorlog het rijk van onzekerheid is; driekwart van de factoren waarop oorlogshandelingen zijn gebaseerd, zijn gehuld in een mist van grotere of kleinere onzekerheid.” Doctrine biedt het kompas om door die mist te navigeren – niet voor de vijand, maar voor onszelf.
Dat onderstreept ook de kwetsbaarheid van begrensde resp. geconditioneerde – in ruimte, tijd, omvang en vooral geweldsintensiteit – westerse oefeningen, waarbij het gros van bovengenoemde aspecten en facetten door vredesbepalingen en instelling van de samenleving niet beoefend kan worden. Ervaring moet dan tijdens het optreden in de gevechtsruimte opgedaan worden. Op dit moment liggen westerse krijgsmachten een straatlengte achter op de Russische – en zelfs de Oekraïense krijgsmacht.
Het gejammer over de onevenredige gevechtsinvloed van de dronezwermen is daar ook een voorbeeld van. In mijn optiek moeten niet de zwermen (reactief optreden), maar operators, opleidingscentra, oefening – en productie faciliteiten en logistieke bevoorradingsroutes de hoofdmoot van de bestrijding vormen (pro-actief optreden).
Vaststelling
Westerse analisten die Russische acties blijven interpreteren door hun eigen doctrinaire bril, zullen intenties verkeerd blijven interpreteren, capaciteiten verkeerd inschatten en de dynamiek van escalatie verkeerd begrijpen. De Oreshnik-aanval op Pivdenmash en de tweede aanval op de vliegtuigonderhouds- en reparatiefaciliteiten in Lviv onthulden een tegenstander die een ander soort oorlog voert. Een oorlog waarin kinetische effecten dienen om politieke boodschappen over te brengen, waarin de slag – resp. gevechtskracht verhouding tussen krijgsmachten meer bepalend is voor de strategie dan het aantal troepen.
Om deze kloof te dichten is doctrinaire kennis nodig: het bestuderen van veldhandleidingen, het analyseren van campagnepatronen achter de krantenkoppen en het besef dat tegenstanders anders denken, niet omdat ze irrationeel zijn, maar omdat ze een coherent kader hebben ontwikkeld om door de complexiteit van oorlog te navigeren.
De waarschuwing van Sun Tzu blijft tijdloos en in een tijdperk van concurrentie tussen grootmachten is die wijsheid niet academisch, maar existentieel. Inzicht in de Russische operatieve kunst maakt westerlingen niet zwakker; onwetendheid wel. Het doel is niet om Russische methoden over te nemen, maar om erop te anticiperen;. Om vormende operaties te herkennen voordat ze hun hoogtepunt bereiken; om correlatieverschuivingen te zien voordat ze doorslaggevend worden en om de eigen strategie af te stemmen op de realiteit in plaats van op wensdenken.
De kunst van het oorlogvoeren gaat niet over het verheerlijken van geweld, maar over het minimaliseren van de effecten daarvan door middel van superieur inzicht. In dat streven blijft in het westen doctrinaire duidelijkheid het meest ondergewaardeerde wapen.
[i]De trapsgewijs doorvertaling of uitsplitsing van doelen, strategieën of middelen, zodat ze op verschillende niveaus concreet, uitvoerbaar worden en succes hebben.


Charles, mooie analyse!
Ik heb me dit alles al leek op militair gebied, nooit gerealiseerd. Zeer interessant en ik kijk nu met andere ogen naar de strijd daar. In de media hoor en lees je alleen over die slechte en domme russen die veel kanonnenvlees opofferen.
En wat heb ik al vaak gelezen dat Putin aan het eind van zijn latijn is en rusland snel zal instorten. Geen mensen, geen geld, geen granaten, geen drones, geen vrienden meer etc etc.
Wat mij betreft moet er snel een einde aan het bloedvergieten en kapitaalvernietiging komen. Maar Putin heeft de tijd en de EU/NATO is verdeeld in slecht georganiseerd. Niet eens een gezamenlijke visie hoe verder te gaan. Het begint op een bloedbad als Verdun te lijken (https://warhistory.org/@msw/article/verdun-1916). De EU betaalt Ukraine om hun soldaten te laten sneuvelen omdat het ‘onze’ oorlog is en we nooit opgeven. Falkenhaye wist dat de fransen Verdun nooit zouden opgeven dus hij liet ze maar komen en sneed niet hun toevoer af. Een slagaderlijke bloeding zonder terreinwinst. Zo verzwak je de tegenstander.
In Westerse kringen blijft de omgekeerde werkelijkheid vigeren! Dank voor deze visie waar MSM hun voordeel mee zouden kunnen en moeten doen.
In het kader van de intensivering van de EU-dictatuur langs ik recent het volgende over de gepensioneerde kolonel Jacques Baud: ….. In de afgelopen decennia begon Baud kritische vragen te stellen over de betrokkenheid van Bin Laden bij de 9/11 aanslagen, en vroeg hij zich af of Aleksej Navalny misschien niet door de Russische geheime dienst maar door de maffia was vergiftigd. Hij publiceerde het boek ‘Putin- Game Master?’, waarin hij uitlegde dat Poetin Oekraïne niet wil veroveren maar demilitariseren. De EU-Commissie meent dergelijke constateringen niet te kunnen toestaan. Baud werd dan ook met beschuldigingen van verspreiding van pro-Russische propaganda en complottheorieën over de oorlog in Oekraïne belasterd. Baud reageerde dat hij voor zijn boeken uitsluitend westerse en Oekraïense bronnen heeft gebruikt, om te voorkomen van Russische propaganda beschuldigd te worden. Desalniettemin zijn de bankrekeningen van Baud geblokkeerd en heeft hij geen inkomsten meer. De opbrengst van zijn boeken mag door de uitgever niet aan hem overgemaakt worden. Tevens mag hij de binnengrenzen van de EU niet passeren en zit hij opgesloten in België. Hij overleeft door voedselhulp van vrienden en sympathisanten. Voor consulaire diensten zoals een visum is hij op de Zwitserse ambassade in Den Haag aangewezen, omdat de ambassade in Brussel daar niet voor is uitgerust, maar hij mag niet naar Den Haag afreizen. Een terugkeer naar Zwitserland zit er dus voor deze Zwitserse staatsburger niet in. Hij kan bij de nationale rechter of het Europese Hof wellicht procedures aanspannen, maar al sinds 2022 heeft het Europese Hof deze sancties in principe gelegitimeerd en ze slechts marginaal getoetst.
Baud gaf aan dat men nog beter in de gevangenis kan zitten want dan word je tenminste nog gevoed.
Het zgn. Westen (media en politiek) zou is moeten stoppen met liegen en bedriegen !!