Via een Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) wilde het kabinet het verbod op religieuze uitingen – zoals hoofddoeken, keppeltjes en kruisen door ambtenaren dit jaar aanscherpen. Maar volgens de Raad van State is die route te kort door de bocht en dat bleek koren op de molen voor burgemeester Marcouch (Arnhem).
Marcouch reageerde zichtbaar tevreden op het besluit van de RvS en debiteerde, “De Raad van State zegt het onomwonden: het voorgenomen hoofddoekverbod voor boa’s schuurt met de Grondwet en raakt aan gelijke behandeling en vrijheid van godsdienst”. Volgens hem is die regel vooral een Nederlandse traditie. “Het is traditie zonder noodzaak, en neutraliteit zonder inhoud.” De van oorsprong Marokkaanse Marcouch vindt dan ook dat zijn tweede land moet breken met “symboolpolitiek die vrijheid verkleint” en wil nu dat niet alleen BOA’s, maar ook rechters en griffiers een hoofddoek op mogen hebben.
Raakvlak met Art. 6 Gw?

In Artikel 6 van de Nederlandse Grondwet wordt de vrijheid van godsdienst en levensovertuiging gewaarborgd. Het recht om je geloof te belijden, individueel of in gemeenschap, is beschermd, maar wel onderworpen aan (de rest van) de wet. Er bestaat in Nederland geen ‘uniformwet’, maar er zijn heldere regels voor het dragen van uniformen in specifieke sectoren van de overheid. Zo zijn er bijvoorbeeld regels voor overheidsfunctionarissen, i.c. politieagenten, die een uniform moeten dragen terwijl zij ervoor verantwoordelijk zijn dat het in goede staat is en ook correct wordt gebruikt. Marcouch kent die regels ook: hij heeft die geleerd op de politieschool én weet dat er pas sprake is van ‘uniform’ als de minister van Justitie en Veiligheid de uniformen heeft goedgekeurd. De RvS baseerde zich in haar oordeel waarschijnlijk dan ook op het ontbreken van zo’n ‘uniformwet’ en vindt kennelijk dat in geval van koud weer, de agenten bijvoorbeeld best handschoenen of oorkleppen mogen dragen. Want achterliggende religie en cultuur: daar houdt de RvS zich verre van. Dat zouden burgemeesters eigenlijk ook moeten doen.
Cultuur
Marcouch voegt nu een nieuw element toe: namelijk de achterliggende cultuur uit het land van herkomst uit te dragen in het land van aankomst, óók in geüniformeerde (overheids-) dienst. Maar daar kan de RvS het dus niet over hebben gehad in het door Marcouch hoogst gewaardeerde oordeel. Wel kan de Raad van oordeel zijn dat als handschoenen en oorkleppen zijn toegestaan, er geen reden is om hoofddoekjes te verbieden ingeval van geüniformeerde dienstvervulling. Smaken kunnen immers verschillen: de één vindt oorkleppen fraai, de ander vindt een hoofddoek schattig.
Nu heb ik zomaar het idee dat het Marcouch niet om het oordeel van de RvS gaat, of om zoiets onbenulligs als ‘cultuur’ en zeker niet de Marokkaanse cultuur; die is hijzelf immers met een zekere gretigheid samen met zijn familie ontvlucht. De cultuur, ook de (falende) Marokkaanse, is immers niet meer dan een gestold lokaal politiek-maatschappelijk product van het verleden. Dat houdt in dat wat we vandaag in Nederland als normaal en vanzelfsprekend beschouwen, werd gevormd door historische politieke keuzes en conflicten in Nederland, niet in islamitische landen als Marokko en andere islamitische ‘failed states’.
Religie dan?
Nu is Marcouch overtuigd moslim en een groot bewonderaar van de inmiddels overleden denker en islamitisch propagandist Yusuf al Qaradawi, voormalig spiritueel leider van de ietwat bedenkelijke moslimbroederschap. Zou dan de islam inspiratie hebben gegeven aan de wens van Marcouch voor de ‘vrijheid van hoofddoek’?
Als dat zo is, dan heeft Marcouch zijn eigen Koran niet begrepen: nergens in de Koran staat dat islamitische vrouwen hoofddoeken moeten dragen. De rechtvaardiging voor het dragen van een hoofddoek in de Koran is slechts gebaseerd op het vers 33:59, waar God de Profeet zou hebben opgedragen om de vrouwen van de gelovigen te vertellen hun overkleden te dragen (in sommige gevallen) om zich te bedekken. Ook Soera 24:31 wordt vaak aangehaald in deze context.
Hoewel de verzen niet letterlijk spreken over een ‘hoofddoek’, interpreteren veel moslimgeleerden en gelovigen deze verzen als een opdracht voor vrouwen om hun haar en lichaam in het openbaar te bedekken. Maar er zijn verschillende interpretaties van deze verzen: er is onder toonaangevende moslimgeleerden geen enigheid. Sommige geleerden menen dat het dragen van een hoofddoek verplicht is, terwijl anderen het zien als een persoonlijke keuze en de interpretatie dat een hoofddoek verplicht is, afwijzen.
Nederland is niet Marokko
Als het de oprechte Marcouch niet is begonnen om de Marokkaanse folklore in ons land uit te dragen (hij vindt het in Nederland immers veel mooier, fijner en heeft hier ook een mooie carrière), dan gaat het hem om de islamitische religie óf hij begrijpt de uitspraak van de RvS niet, en ook niet de cultuur binnen de Nederlandse politiek en overheid.
Bovenal heeft Marcouch niet begrepen door de Nederlandse Koning te zijn benoemd; niet de Marokkaanse en ook niet door Allah. Dit is Nederland, een vruchtbare en uiterst succesvolle natie, ontstaan na een 80-jarige strijd tegen onderdrukkers die hun religie met geweld aan ons op wilden leggen. Iedere burgemeester in Nederland heeft de plicht die vrijheid in naam van onze Koning te handhaven (“Je Maintiendrai”).
En anders donder je maar weer op.


De Raad van Staten is de grootste sabotage club van Nederland, opdoeken deze oude fossielen !
Wat jammer dat U een heel artikel aan Marcouch en zijn verwerpelijke hoofddoek hebt moeten wijden. Als meneer Marchouch de achterlijke hoofddoek zo node mist, moet hij onverwijld verkassen naar Marokko.
Dan zijn én wij gelukkig én hij.