Luidt Hongarije het begin van het einde in voor het salonsocialisme? 

De arrogante en minachtende visie in West-Europa, en vooral in Brussel, op Oost-Europa krijgt een indrukwekkende, democratische reactie. In feite is dit een directe uitdaging aan het salonsocialisme van de links-liberale vijfde colonne die zich e.e.a. nog niet schijnt te realiseren.

Afb: pixabay

Acht jaar geleden was Hongarije stevig in handen van de socialisten en links-liberalen, nu kregen deze groeperingen 12%, resp.5% van de stemmen. Orbans conservatieve stroming werd een tsunami die niet alleen voor de derde keer overtuigend won, maar werd ook een permanent onderdeel van Europa’s actuele politieke toneel dat niet alleen belichaamd wordt door de anti-EU-sentimenten in de Visegrad-landen, maar ook in Italië, Spanje, Engeland en Frankrijk, zij het dat Macrons ‘populisme’ meer trekjes heeft van politiek opportunisme.  Dat alles tezamen is “kritische massa”.

De decadent-liberale oppositie maakt nog wel lawaai over de wijze waarop Orban de verkiezingen won, maar de substantie van zijn agenda spreekt voor zich en drie keer is en blijft scheepsrecht, hetgeen een aantal conclusies rechtvaardigt.

Ten eerste leeft de democratie – mede gezien de hoge opkomst der kiezers – sterk in Hongarije, meer dan in West-Europa met beduidend lagere kiezersparticipatie; daar kan geen Juncker of Timmermans ook maar iets op afdingen. De kiezers accepteerden Orban’s anti-immigratieagenda die het behoud van de eigen cultuur voorstaat.

Ten tweede biedt Orban solide leiderschap i.p.v. de hopeloos verdeelde salonsocialisten die – net als bij ons – een verdeeldheid zaaiende, bureaucratische en ondemocratische EU pousseren. Met hun ondermijnende agenda werd het aan slijtage onderhevige links-liberale gedachtengoed in vlammen afgeschoten. Zijn kiezers willen evident een sterke nationale overheid en soevereiniteit i.p.v. een federale EU-dictatuur die erop uit is om de Europese identiteit te ondermijnen en verwateren. Slechts in het linkse Boedapest werd gescoord door linkse groeperingen, waarbij met name de grote mate van corruptie in Hongarije een rol speelde voor intellectuele en invloedrijke ex-Fideszleden die Orban nu snel weer aan boord moet zien te krijgen om de gelederen gesloten te houden (baantjes in de nieuwe regering helpen altijd).

Ten derde zien wij hier de teloorgang der links-liberale ‘would-be’-elite, niet alleen in Midden-Europa, die hun destructieve ‘progressief culturele’ politiek niet langer aan de man kunnen brengen bij een voor sprookjes vatbare middenklasse – daarbij inbegrepen de hen door Merkel opgedrongen migratieproblematiek en Europese integratie – waarmee zij impliciet hun greep op de veel grotere arbeidersklasse verloren. Deze politieke stoelendans heeft hen terecht de kop gekost, want veel kiezers weken uit naar de Jobbikpartij die met 20% der stemmen aan de haal ging. Jobbik is de voormalige ‘rechtse partij’ die zichzelf in een nieuw jasje presenteert door o.a. hun antisemitisme overboord te zetten, maar zij lijken desondanks aan hun plafond te zitten.

Fidesz zit comfortabel in het midden tussen een ‘progressieve’ partij op links en een arbeidersklasse partij ter rechterzijde. Dit is een beginnende Europese tendens die wij ook al in Duitsland zien, naast Spanje, Italië, Polen en Tsjechië, maar die nog alle kanten op lijkt te kunnen gaan.  Orban belichaamt deze nieuwe politieke Europese stroming als drijvende kracht in de Visegrad-groep en met name Brussel heeft dat niet door, of kan dat uit starre ideologische overwegingen niet accepteren; vandaar dat het duo Don Quichot Juncker en Sancho Panza Timmermans nog steeds zoveel kabaal maakt in hun stuiptrekkingen.

Ook Frankrijk lijkt zich met de opportunist Macron in die richting te bewegen, maar laten wij niet vergeten dat  hij vooral een ‘handige knul’ is die van het failliet van de gevestigde orde en hun angst voor Le Pen profiteerde maar nu eerst maar eens moet laten zien dat hij de ‘guts’ heeft om de dinosaurussen van de communistische vakbonden hard aan te pakken, zoals Thatcher dat al een kleine 40 jaar geleden deed.  Macrons egotripperij om in een federalisering van de EU een hoofdrol te mogen spelen lijkt te miskennen dat in Frankrijk ook al lang sterke anti-EU-sentimenten spelen. De strijd begint daar pas!

Daarom is Orbans overwinning zo bedreigend voor de verdere federalisering van de EU: waar Juncker vrede had met Macrons schijnbare overwinning op Le Pens populisme is Orbans winst het tegenovergestelde daarvan, een blijk dat het ‘populisme’ – in de klassieke zin des woords – in Europa springlevend is. Orban kan daarin een historische rol spelen zoals Thatcher of De Gaulle, want hij heeft de morele en democratische rechtvaardiging  van zijn electoraat.

Niet voor niets stelt de Duitse minister Seehofer dat het tijd wordt om de (linkse) arrogantie en zelfingenomenheid jegens Hongarije te laten vallen, want dat land heeft wellicht een historisch proces in beweging gezet en de potentiële medestanders groeien met de dag….

U kunt ons volgen op social media en wij stellen uw 'like' zeer op prijs.:

2 comments for “Luidt Hongarije het begin van het einde in voor het salonsocialisme? 

  1. 11 april 2018 at 21:52

    Bijgaand een link naar het ” Gatestone Institute” in Amerika. Het artikel sluit exact aan op het artikel van Ronald Dunki.

    https://nl.gatestoneinstitute.org/12152/europa-totalitarisme

    • r.dunki
      12 april 2018 at 21:09

      Inderdaad en kijk ook eens naar de infantiele reactie van de EU op Orban’s winst middels de patente ideologische onzin die ene Sargentini – de neo-communist van G.L. (u weet nog wel : … ‘ er zitten totaal geen terroristen tussen Merkel’s miljoen vluchtelingen..’) durft uit te slaan inzake ‘het bestraffen’ van Hongarije voor het afstraffen van haar linkse vriendjes…
      Tijd voor het droogleggen van het Brusselse moeras!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Solve : *
14 × 27 =